Dinsdagmorgen vroeg zagen we de eerste tonijnvisser. Eindelijk een ander schip na dagen alleen maar zee! Iedereen stond aan dek te kijken terwijl de kapitein de Esperanza aardig dichtbij manoeuvreerde. Uit een gesprek met de schipper van de Spaanse boot bleek deze keurig volgens de regels te vissen. Geen illegale visser dus! Hij vertelde dat ze al een maand aan het vissen waren en nog vrijwel niets hadden gevangen. Opnieuw een bewijs voor de dramatisch lage vispopulatie. Op naar de volgende visser.
Voor mij was het voorval een aangename onderbreking van mijn werk in de
machinekamer. De leidingen van het warmwatersysteem moeten vervangen
worden en dat is een enorme, behoorlijk warme klus. Het werk gebeurt
druipend van het zweet, de sleutels om de bouten en moeren los te
draaien glippen geregeld uit m’n bezwete handen. En dan moet het werk
ook nog zo gepland worden, dat er ’s ochtends en ’s avonds gewoon warm
water beschikbaar is voor schoonmaken en douchen. Gelukkig gaat alles
tot nu toe prima.
Zelfs als een van de nieuwe leidingen lekt en ik het warm watersysteem
moet afzetten, krijg ik nog geen boze gezichten. Maar niet alleen in de
machinekamer is het heet. Ondanks het warme weer en de hitte in de
kombuis zet de kok twee keer per dag een warme maaltijd op tafel. En
dat drie maanden lang, voor 30 man. Afgelopen zondag had hij een dagje
vrij. De twee bemanningsleden die zijn kookbeurt overnamen,
maakten paëlla – geen wonder, want instandkokkin Marta is Spaanse.
Rond de evenaar was nog het traditionele bezoek van Neptunes, de
heerser van de zee – iets wat ik een paar jaar geleden al heb
meegemaakt. Wie voor het eerst de evenaar overgaat, moet toestemming
vragen van deze heerser van de zee. Een heel spektakel, dertien mensen
gingen voor het eerst over de evenaar. Met een ‘rechtzaak’ bij de
rechtbank van koning en koningin Neptunes zijn ook zij op de
juiste wijze ingewijd! Een fotoverslag van de 'rechtzaak' vind je
hier (onderaan).