Het Japanse walvisjagersschip Kyo Maru No.1 vaart op het Greenpeace schip Esperanza af in de Zuidelijke Oceaan.
Vergroot foto
Wij volgen nog steeds het verwerkingsschip de Nisshin Maru. Maar de jagers zijn nog steeds van onze radar verdwenen. Zonder verwerkingsschip in hun buurt kunnen de jagers eigenlijk niks uithalen.
Wij
ontdekken op een avond aan de horizon een schip. Omdat dit het
spannendst is wat er in dagen gebeurt loopt de brug vol met mensen. Zou
het een jagersschip zijn?!?
Al
sinds kerst volgen we het verwerkingsschip de Nisshin Maru. Met
gemiddeld 14 knopen varen we met haar mee in westelijke richting.
Sindsdien heeft de vloot voor zover wij kunnen zien en aannemen niet op
walvissen kunnen jagen. De jagers zijn nog steeds van onze radar
verdwenen en zouden kunnen blijven jagen maar zonder verwerkingsschip
kunnen de walvissen niet ontleed en opgeslagen worden. Het is voor de
jagers niet mogelijk door te blijven jagen met meerdere dode walvissen
langszij gebonden. Aan boord gonst het van de theorieën over de
strategie van de walvisvaarders. Waarom varen ze zo snel en in deze
richting?
Op 30 december ontdekken wij 's avonds aan de horizon
een schip. Omdat dit het spannendst is wat er in dagen gebeurt, loopt
de brug vol met mensen. Iedereen grijpt een verrekijker en probeert te
zien of het een van de jagerschepen is of een onderzoeksschip. Het is
nog niet goed te zien en al snel worden er weddenschappen afgesloten.
Na lang turen, is de beslissing gevallen: het is een van de jagers. Dan
verandert het schip van koers en verdwijnt uit ons zicht. Wat zou deze
nieuwe ontwikkeling betekenen? Gaan ze weer jagen? Is dit schip
verschenen om het verwerkingsschip met een bepaalde activiteit bij te
staan? Komen ook de andere twee jagers onze kant op? Meer vragen, geen
antwoorden.
Wanneer we later in de avond na de Japanse les
weer naar de brug gaan blijkt dat we gezelschap hebben gekregen. De
jager, Yushin Maru nr 1 volgt ons aan stuurboordzijde op de voet. Een
vreemde situatie. Wij weten niet wat zij gaan doen en zij weten niet
wat wij gaan doen. Om hun reactie te testen kiest Frank, onze kapitein,
een andere koers weg van het verwerkingsschip. Na enige zichtbare
verwarring volgt de jager ons weer. Blijkbaar zijn ze van plan daar te
blijven. Dit betekent in ieder geval geen hervatting van de jacht. De
rubberboten kunnen dus nog even op het dek blijven.
Tijdens de
dagenlange achtervolging hebben we weer tijd voor
veiligheidstrainingen. Bij brand of een man overboord of een
verlaat-het-schip situatie moeten mensen immers snel kunnen reageren.
Hoewel ik geen specifieke taak heb bij deze noodgevallen is het goed om
met de materialen te oefenen. Ik kan dan de mensen die brand moeten
blussen helpen bij het aantrekken van de speciale kleding en
beademingsapparatuur en je weet nooit wat er bij een ramp verder moet
gebeuren. Bij deze oefening krijg ik de spullen aan. Het ademen door
dit masker doet me denken aan mijn duiklessen, maar de helm en de fles
op de rug blijken amper bewegingsruimte over te laten. Dan worden we
door het schip geleid. Dit is best inspannend zeker door de vele
kruipruimtes en trappen. Tijdens de tweede ronde is mijn masker
afgeplakt. Als er veel rook is kun je immers ook weinig zien en dan
moet je toch je weg kunnen vinden. Hoewel ik op de meeste plekken
ontelbare keren ben geweest lijken de gangen nu een stuk langer, een
obstakel op het dek ineens veel groter. Nu ik weer zonder masker
rondloop bekijk ik mijn wegen een stuk nauwkeuriger. Ik wil wel mijn
weg naar buiten kunnen vinden als dat op de tast moet.
Op 2
januari zorgde het uitzicht wederom voor een druk bezochte brug. Het
lijkt buiten wel spitsuur. Behalve het verwerkingschip, het jagerschip
en wijzelf is de groep uitgebreid met de andere twee jagerschepen en
een onbekend schip. Het blijkt een bunkerschip te zijn met brandstof
voor de walvisvloot. Ik zal hier vanaf vannacht waarschijnlijk weer
uitgebreid van kunnen genieten want dan ga ik weer wachtlopen. Deze
keer is het de wacht van 12 tot 4 zowel overdag als 's nachts.