Na vier weken lang geen andere schepen te hebben gezien is het uitzicht uit mijn patrijspoort totaal veranderd. We zitten midden tussen de Japanse walvisvaarders. Het is nu onwerkelijk rustig. De walvisvaarders lijken een pauze te hebben genomen. Twee uur geleden was het wel anders.
...Toen we naast de Nisshin Maru voeren roken we het walvisbloed. In de
afgelopen weken hebben we deze walvissen langs ons schip zien zwemmen...
Het begon vanochtend. Na dinsdag het eerste schip te hebben gevonden,
is de achtervolging ingezet en in de ochtend is de hele vloot gevonden.
De Arctic Sunrise komt uit de tegenovergestelde richting. In afwachting
van haar aankomst vliegt de helikopter uit met onze fotograaf en
cameraman. Bij terugkomst zien we de beelden van het afschieten van een
walvis en haar worsteling die drie minuten duurt. Vervolgens wordt ze
aan boord gehesen en wordt ze aan boord naast nog vijf walvissen
gelegd. In een snel tempo worden de walvissen opengesneden en ontleed.
Wanneer de Arctic Sunrise in zicht is, worden op beide schepen de
rubberboten gelanceerd. Samen met de Noorse Odin als bemanning, bestuur
ik een kleine rubberboot. Deze rubberboten zijn wendbaarder dan de
grotere rubberboten. Dit geeft ons meer mogelijkheden. Het nadeel is
dat we onbeschermd zijn en meer last hebben van de golven. In totaal
gaan we met zeven rubberboten op weg.
Manoeuvrerend rond de stukken ijs, varen we richting de Nisshin Maru,
het fabrieksschip. Om mij heen zie ik hier en daar iets ter grootte van
een theedoek in het water drijven. Het zijn walvisdarmen. Eenmaal bij
het schip varen we geruime tijd achter hen aan. Aan boord klinkt er
continue uit de luidsprekers de waarschuwing om bij het schip weg te
blijven en hen niet lastig te vallen bij hun werk. Twee grote
waterkanonnen gaan aan. Dan komt er een jager aan om een walvis over te
nemen. Wanneer ook wij er naar toe willen varen horen we over de radio
de oproep: Man overboord! We zien achter ons twee actievoerders boven
op een omgeslagen rubberboot van de Arctic Sunrise zitten. We varen er
direct op af.
Rubberboten van de Greenpeace schepen de Artic Sunrise en de Esperanza verhinderen het transport van een gedoode dwergvinvis van het Japanse walvisvaarders schip Kyo Maru No.1 naar het verwerkingsschip Nisshin Maru.
De twee actievoerders zijn wat geschrokken, maar in orde.
Ook een van onze grote rubberboten komt er aan. We helpen hen om de
omgeslagen rubberboot vast te maken om het terug te slepen naar de
Arctic Sunrise. Daarna zetten we weer volle kracht voorruit, koers naar
de Nisshin Maru. Door de afstand en golven kost dit veel tijd. Aan onze
linkerzijde zie ik een van de grote rubberboten van de Arctic Sunrise
stilliggen. Later hoor ik dat deze rubberboot bijna gezonken was. Er
was een draad verstrikt geraakt en de rubberboot werd hierdoor voor een
groot deel van achteren onder water getrokken. Als we terugkomen bij
het schip verdwijnt een van onze rubberboten bijna volledig onder het
water uit de twee waterkanonnen. Ze proberen het overhevelen van de
walvis tegen te houden. We gaan naast ze varen. Uiteindelijk lukt het
de walvisjagers toch de walvis aan boord te hijsen. Hierna krijgen we
de oproep weer terug te komen aan boord van de Esperanza. Daar hoor ik
het verhaal dat de Esperanza een aantal keren door een jager klem
gevaren is tegen de Nisshin Maru. Degenen die op de vleugel van de brug
stonden werden ook getrakteerd op water uit de waterkannonnen.
Vandaag zijn we allemaal weer veilig terug aan boord. Het is moeilijk
om te zeggen wat ik van tevoren had verwacht. Dat er zoveel zou
gebeuren op de eerste dag in ieder geval niet. We zullen zien wat
morgen ons brengt.
Nu ik weer op de Esperanza ben en alles de revue laat passeren
voel ik nog sterker dan voorheen hoe verkeerd dit is. In de helikopter
konden ze de inslag van de harpoen als een zware dreun voelen. Toen we
naast de Nisshin Maru voeren roken we het walvisbloed. In de afgelopen
weken hebben we deze walvissen langs ons schip zien zwemmen. En zo moet
het zijn. Deze dieren moeten niet aan een lijn worstelen of op een rij
liggen op een dek. Hoelang moet ik nog wachten tot morgen?